Alweer sneeuw, en niet zomaar een beetje van dat poeder. Waar blijft die lente nu toch. Straks kunnen we Kerstmis op paasdag vieren; vorige week hoorde ik zelfs nog een kerstliedje op de radio. Niet aan mij besteed; na nieuwjaar hoef ik al die dingen niet meer. Ik wil lente, en lezen in de lente.
Aan goed leesvoer geen gebrek, 't is alleen dat ik de laatste tijd nogal eens verkeerde keuzes maak.
Misschien laat ik me te hard leiden door aanraders zoals Het verhaal van liefde en duisternis van Amos Oz, kandidaat Nobelprijswinnaar. Prachtig geschreven, dat is de reden waarom ik heb doorgelezen tot in de helft van het boek. De eindeloze familiegeschiedenissen echter maakten dat ik na een tijd door de bomen het bos niet meer zag, en lijkt me ook enkel interessant als je in meer of mindere mate gerelateerd bent aan betreffende stamboom. Ik heb afgehaakt, maar de auteur zelf blijft in mijn hoofd zitten en ik zal van hem nog wel eens een roman lezen, maar nu nog niet.
Eerder was ik al in de val getrapt van een dit-belooft-spanning boek De Historicus van Elisabeth Kostova. Stukken beter geschreven dan alles van Dan Brown, en de beschrijvingen van landschapen en streken doet je zo in je sloffen schieten en naar het reisbureau hollen om brochures voordat je beseft dat je die eigenlijk al in handen hebt. Verder kon ik ook het gevoel niet onderdrukken dat ik voor de gek werd gehouden door een aspirant schrijfster van een kaskraker, met de nadruk op kas(sa). Een Harry Potter voor de iets wat oudere meisjes?
Toegegeven, ik ben de laatste tijd nogal wisselvallig wat mijn leesgedrag betreft; wil ik nu fictie, non-fictie, of enkel harde feiten? Heel wat afgelezen in National Geographic, Knack en verschillende filosofieboeken. Brede interesse maakt het soms moeilijk kiezen.
Vorige week heb ik in de Sleghte twee boekjes op de kop kunnen tikken: De Engelse patiënt van Michaël Ondaatje wilde ik al lang, en Dagboek van een lezer van Alberto Manguel is voortreffelijk in eenvoud en ontzettend leesbevorderlijk. Ergens in het boek las ik dat hij op de deur naar zijn bibliotheek een variant van het motto van het klooster van Thelême van Rabelais heeft hangen: ' lys ce que voudra'. Ik ga dit even overnemen en zien waar dit toe leidt.
Zodoende heb ik me niet laten beïnvloeden door een negatieve recensie, of door het feit dat het boek in kwestie niet valt onder noemertje 'literatuur' in de boekenwinkels en catalogus. Het is zelfs niet geschreven door een befaamde auteur die je gelezen moet hebben. Ik heb het over De zwerm van Frank Schätzing, omschreven als een eco-thriller. Ik ben nu bijna honderd pagina's gevorderd in dit pilletje van 900 (zo heb ik het wel graag) en ik heb me nog niet verveeld. Straffer nog; het lijkt me geen opgave om het uit te lezen.
Ik lees dus wat ik wil en binnenkort ook Leve mij, niemands meester, niemands knecht van Johan Anthierens. Een verwachting van volmaakte bevrediging van mijn zin in mooie zinnen en harde feiten.
Laatste reacties